Acupunctuurpraktijk Huan Mai

Regulier Westers Medische Interpretatie

                             - Voor intercollegiaal overleg en voor geinteresseerden -   

   De inhoud van deze pagina is opgemaakt aan de hand van persoonlijke inzichten. Alhoewel deze informatie  wetenschappelijk en biochemisch onderbouwd is, is het op geen enkel moment de bedoeling om hiermee medisch advies te verstrekken. Ik wijs dan ook elke verantwoordelijkheid hieromtrent af. De manier waarop ik acupunctuur uitoefen is gebaseerd op protocollen volgens de Traditionele Chinese Geneeswijze, zoals onderwezen wordt op de door mij gevolgde acupunctuur en shiatsu opleiding.


  Dit is een samenvatting van het artikel dat je in de link onderaan de pagina kan vinden, in de vorm van een powerpointpresentatie. Het mechanisme van acupunctuur, zoals beschreven is in de Traditioneel Chinese Geneeskunde (TCG), wordt in onderstaand artikel uitgedrukt in koper-, zink-, en magnesium ion afhankelijke mechanismen. Dit leidt uiteindelijk tot een aantal regulier testbare hypotheses. Met nadruk dient vermeld te worden, dat het een speculatieve beschrijving is, die pas kan gelden nadat er meer onderzoek is verricht/bekend is over de genomen hypotheses.

Acupunctuurpunt en lokaal bindweefsel.

Uitgangspunt is, dat een acupunctuurpunt door prikken op twee wijzen beinvloed wordt : enerzijds via de optimalisering van de elasticiteit van de lokale bindweefselstruktuur, anderszijds via beinvloeding van de lokale cellen in hun produktie van energie (ATP, adenosine trifosfaat) en warmte. Wetenschappelijke publicaties beschrijven dat na een prik in een acupunctuurpunt er lokaal een toename ontstaat in de concentratie zink-, koper-, en ijzerionen. De  ion toenames  ontstaan mogelijk door de lokale beschadiging van cellen, waardoor er uit de beschadigde mitochondrien koper, zink en ijzer ionen weglekken. De vorming van ATP en warmte is een biochemisch proces, dat afhankelijk is van koper-, magnesium-, ijzer- en zinkionen. De elasticiteit van bindweefsel wordt mede bepaald door het koperafhankelijke enzym lysyloxidase, dat betrokken is bij de synthese van elementen van het bindweefsel. De toegenomen ionconcentratie zou mogelijk gerelateerd kunnen zijn aan een verlaagde huidweerstand.

   Aangenomen wordt dat de lokale toename van bepaalde ionen in en rondom het acupunctuurpunt ook kan ontstaan door spieraktiviteit in de omgeving gedurende een bepaalde tijd. Van de vele duizenden mitochondrien in de spieren gaan er een paar versleten exemplaren verloren tijdens de spieraktiviteit. Mitochondrien bevatten veel koper-, zink en magnesium. Het gaat hier met name om de tonische spieren, betrokken bij handhaven van balans, welke gewoonlijk een aerobe stofwisseling hebben, m.b.t de ATP vorming. Omdat gedrag samengaat met bepaalde aktiviteit van groepen spieren, kan er op deze manier ook eventueel een relatie met gedrag en emoties zijn.

Verder heeft de aktiviteit van het immuunsysteem invloed op de concentratie van deze ionen. Het immuunsysteem kan bijvoorbeeld reageren op de celbeschadiging: immuuncellen zoals macrofagen produceren signaalmolekulen die de lever aanzetten tot de produktie en afgifte van ceruloplasmine, een transporteiwit van koper in het bloed, waardoor er ook meer koper op de beschadigde lokatie terecht komt. 

De hoeveelheid zink-, en koper wordt gesteld een uitdrukking te zijn van: (1) of bepaalde spieraktiviteit chronisch plaatsvond, of chronisch afwezig is, (2) er een ontsteking in de buurt is, (3) er geprikt is in de buurt. Uiteindelijk zou het in verband te brengen zijn met mitochondriele aktiviteit: vorming warmte en energie binnen elke cel.

Meridiaan ontstaat in hersenen.

Het TCG concept ''meridianen'' zou kunnen ontstaan uit de aflezing van de hersenen van de lokale bindweefselstruktuur (proprioceptie) rond alle acupunctuurpunten, leidend tot een neurale kaart in de hersenen. Dit patroon van hersenaktiviteit wordt door de hersenen geinterpreteerd, als behorende bij een van de vijf soorten gedrag: slapen, fysieke arbeid, eten, gezelligheid, en terugtrekken. Elk van de vijf soorten heeft een kenmerkende set van meest aktieve spierbewegingen, die zich rond de lokatie van een aantal (yange) meridianen bevinden. Het draagt bij aan de waarneming door het brein of een bepaald gedrag recent heeft plaatsgevonden, of de spieren die met het gedrag geassocieerd zijn chronisch overbelast zijn, of lange tijd inactief.

   Elk van de vijf soorten gedrag vindt meestal plaats op zijn typerende tijd op de dag en nacht. Het circadiaans ritme van elke gedrag is zichtbaar in het circadiaans ritme van koper, zink en magnesium. Beschreven wordt de stelling, dat elk van de vijf gedragingen met name weerspiegeld is in variatie van een typerend bepaalde ion in het lichaam als geheel, (koper-, zink-, magnesiumionen, en afname respectievelijk toename van het transporteiwit van koper en zinkionen). de concentratie verandert. Een meridiaan ontstaat in dit verhaal op het nivo van de hersenen, die gedrag, zintuigen en orgaanfunctie met elkaar associeren.

   Dat de werking van acupunctuur een verband kan hebben met de ionconcentraties van koper en zink, is uitgewerkt in onderstaande link in de behandeling van depressie. Dit blijkt uit wetenschappelijke publicaties. Extrapolerend, kan acupunctuur ook invloed hebben in het kalmeren of helder maken van andere gewaarwordingen behorende bij gedrag, zoals eetlust, concentratie, stress, verdriet, woede, loslaten, in slaap vallen (mits de aanleiding mede ligt aan de ionconcentraties, en mits er  speelruimte is om daarmee de bijbehorende biochemie te beinvloeden).               

    Onderstaande link beschrijft vervolgens een  aantal TCG begrippen als functie van koper, zink en magnesium. De verhoogde concentratie koper, zink en ijzer ionen rond het acupuntuurpunt beinvloeden van de lokale cellen de produktie van energie (ATP) en warmte. Soms is dit ook waar te nemen doordat rond het geprikte punt de huid lokaal iets roder wordt. Dit heeft te maken met het feit dat in TCG, zowel energie, als  de begrippen warmte en kou centraal staan in diagnose en behandeling.

Competitie tussen de diverse ionen: biochemische basis van TCM, yin en yang.   

Zink en magnesium remmen elkaars werking af in een aantal situaties, bijvoorbeeld: magnesium remt de produktie van het genoemde transporteiwit metallothioneine, terwijl zink de produktie van metallothioneine stimuleert. Koper en zink ionen voeren competitie voor de bindingsplaats op hun intracellulaire transporteiwit metallothioneine. 

   De termen yin en yang zijn relatieve waarden. Yang past bij hitte, koperionen laten de vorming van warmte en ATP toenemen. De werking van zink hangt af van omstandigheden, een korte termijn reaktie van zinktoename is remming van de vorming van ATP en warmte. Hier is zink Yin ten opzichte van koper. Zink en koper zijn te beschouwen als een yin-yang koppel.  

   Op de langere termijn heeft zink een yang aspect: zinktoename veroorzaakt  een toename van metallothioneine-synthese, dat daardoor ook meer koper kan vervoeren. In deze context zou een tekort aan zinkionen tot yangleegte leiden. Dit past bij de rol van zink in het tweede yin-yang koppel, de competitie tussen zink en magnesium. Dit tweede yin-yang koppel is een langzamer proces omdat hier metallothioneine gevormd wordt. Metallothioneine is een intracellulair transporteiwit voor koper en zinkionen.

    Een relatief magnesium tekort kan een vorm van yinleegte zijn. Magnesium heeft in de vorming van ATP en warmte een rol als cofactor, om relatief meer ATP en minder warmte te produceren.  ATP wordt mede gebruikt voor opbouw van eiwitten en andere zaken die nodig zijn om het lichaam te ondersteunen.

Net als Yin Leegte samen kan  gaan met symptomen van Lege Hitte (maar niet perse), kan een tekort aan magnesium  samengaan met hitte symptomen, warmte opwellingen.  Behoefte aan warmte wordt in de hersenen thermostatisch geregeld, maar de kacheltjes zitten in de mitochondrien. In de bijlage is beschreven hoe hitte symptomen kunnen ontstaan, gebruik makend van de biochemische reakties in de mitochondrien, die afhankelijk zijn van koper, magnesium en zink.

   Polsdiagnose in  termen van koper, zink en magnesium. 

    Tenslotte wordt  de polsdiagnose beschreven in termen van koper, zink en magnesium. Acupunctuur en polsdiagnose zijn onafscheidelijk: voor, tijdens en na een acupunctuurbehandeling wordt de polsslag gevoeld op de arterie radialis op het nivo van de processus styloidus. Een acupunctuurbehandeling eindigt met polsdiagnose, om te checken of de behandeling invloed heeft gehad. Met de polsdiagnose kan afgelezen worden wat de ''conditie'' van de meridianen  is. Zie Figuur 1, onderaan.  

   De stand van de pols (en dus hand) ten opzichte van het lichaam, ofwel de stand van de processus styloidus, het uitstekend botje onder de duim, is een orientatiepunt van de armbeweging en bijbehorend gedrag. Drie armbewegingen worden hier beschouwd, overeenkomend met de drie yange armmeridianen: schuin omhoog/naar voren grijpen (dunne darm meridiaan); met twee armen naar links of naar rechts bewegen (driewarmermeridiaan); en de grijpbeweging vlakvoor je (om te eten, of te sorteren) (dikke darmmeridiaan). De grijpbeweging van de duim, waarbij de buik van  de spier bij de duim wortel ligt, wordt verondersteld invloed te hebben op de bovenste positie van de polsdiagnose (cun positie). Grijpbeweging van pink en ringvinger maakt gebruik van spieren waarvan de spierbuik gelegen is op de onderarm. Deze spierbuik wordt verondersteld de midden- en onderste polspositie te beinvloeden (guan en qi positie). Wat je voelt in de pols, is de elasticiteit van het bindweefsel rond het bloedvat, samen met de aktiviteit van het spierlaagje rond het bloedvat. De genoemde spierbuiken geven tijdens de beweging koper en zink af, dat de elasticiteit en kracht van het bloedvat zeer lokaal beinvloedt (De oorzaak van vrijmaken van koper en zink wordt veronderstel door mitofagie te gebeuren. Zie powerpointpresentatie onderaan deze webpagina. Hierin wordt beschreven hoe koper en zink invloed hebben op de elasticiteit van het bindweefsel.

Dat meridianen die over de romp lopen zichtbaar zijn in de polsdiagnose, kan mogelijk te maken hebben met het feit dat een armbeweging een verstoring van lichaamsbalans geeft. Hierdoor ontstaat er vlakna (of tijdens) de armbeweging een corrigerende beweging van de romp en benen. Bij een doelgerichte armbeweging ''doet de (stabiliteitshandhavende) beenbeweging mee'': de ''beenbeweging'' is in feite alleen tonus verandering in de beenspieren, en meestal geen echte beweging. De drie armbewegingen worden zo elk gekoppeld met een van de drie romp-been bewegingen  passend bij de drie yange beenmeridianen. (in TCG termen ontstaat hier de ''tai yang'' koppeling, de ''shao yang'' koppeling'' en de ''yangming'' koppeling). Dunne darm: schuin omhoog naar voren reiken gaat samen met een beweging van de onderrug naar achter (blaasmeridiaan). Driewarmer: twee armen samen naar links draaien gaat samen met een draaibeweging om de lichaamsas (galblaasmeridiaan). Dikke darm: weinig balansverstoring: hier blijft je lichaam rechtop staan (maagmeridiaan). 

Wanneer verondersteld wordt dat de gecombineerde arm en  romp beweging aangestuurd worden door hetzelfde receptieve veld ergens in de hersenen,  dan wordt de tonische spanning van de beenspieren (geassocieerd met een beenmeridiaan)  voelbaar in de armspieren in rust. Via gebruik van armspieren komt daardoor de informatie van de beenmeridiaan op het plekje van het bloedvat, gebruikt voor polsdiagnose. 

Gesteld wordt dat bij pijn in onderrug de blaasmeridiaan minder gebruikt wordt. Bij pijn in de heup wordt voorkomen dat het lichaam gedraaid wordt, en de galblaasmeridiaan minder gebruikt. De reflex voor correctie van lichaamsbalans na een armbeweging wordt onderdrukt, en de tonische spanning van de beenmeridiaan wordt niet meer in de pols, bij de polsdiagnose waargenomen.

   Verschil tussen linker en rechterpolsdiagnose ("aspecten van Yin en Yang") kan beschreven worden door een circulatie in het lichaam van koperionen via lever, en een tweede circulatie in het lichaam van zinkionen via pancreas. Deze circulatie is gedragsafhankelijk en ondergaat normaal gesproken een circadiaans ritme. De lever voert vele biochemische reakties uit, met veel ATP, en koperionen. Gedurende de nacht, waarin spieren rusten, is er meer ATP beschikbaar voor de lever.   Een  circulatie in het lichaam van zinkionen zou aangestuurd worden via de pancreas. De pancreas maakt (zinkafhankelijke produktie) insuline en geeft dit af aan het bloed waarna de insuline op bijvoorbeeld spiercellen de glucose opname bevorderen (via de zinkafhankelijke insuline receptor). Een deel van de circulatie van zink en koper vindt gemeenschappelijk plaats via de spijsvertering in de darmen: de pancreas scheidt zinkafhankelijke verteringsenzymen uit, en de lever maakt gal, die koper bevat en via galblaas worden uitgescheiden in de darmen.

Spieraktiviteit van de ledematen (gedragsgerelateerd), peristaltiek van de darmen en maximale biochemische aktiviteit in de lever, vinden elk op een ander tijdstip van de dag en nacht optimaal plaats. Hierdoor ontstaat het circadiaans ritme van koper en zink, wat in onderstaande ppt wordt gerelateerd aan het circadiaans ritme zoals dat in de traditionele chinese geneeskunde beschreven wordt, in aktiviteit van organen en meridianen.

 

       Figuur: De polsdiagnose: slagsnelheid, vorm van de slag, diepte, en mate van duidelijkheid of aanwezigheid. De rechterpols geeft informatie overmeridianen die betrokken zijn op longen/dikke darm, milt/pancreas/maag en pericard/driewarmer. De linkerpols geeft informatie over hart/dunne darm, lever/galblaas en nieren/blaas.                   


    Bloedleegte, in de vorm van ijzerionen tekort, en yinleegte, worder eerder in de rechterpolsdiagnose gemeten. Hoe dit kan, en andere details in bovenstaand figuur, staat beschreven in onderstaande link.

Powerpointpresentatie:

Traditionele Chinese Geneeskunde beschreven in termen van zink, koper en magnesium.

In de bijlage van de powerpointpresentatie wordt het effect van acupunctuur op chronische pijn, bij ontstekingspijn en bij neuralgie, beschreven in termen van koper en zink. Purinerge signalering in dit proces een belangrijke rol. Met de ''poort-gate'' theorie kan de acupunctuur voor pijnbestrijding volgens de methode van dr. Tan aangeduid worden. 

Trefwoorden in deze presentatie:

Traditionele Chinese Geneeskunde:  o.a. Yin, Yang, yinleegte, yangleegte, bloedleegte, stijgend yang, lege hitte en volle hitte, BAGANG, stagnatie, driewarmer, meridianen, extra-meridianen, Shu Transporting Points, Back Shu punten, moxibustion, polsdiagnose.    

Westerse Reguliere Biochemie: o.a. zink, koper, magnesium, ijzer, calcium, osmose, mitochondrien, ATP, oxidatieve fosforylering, cytochoom oxidase, ontkoppelingseiwitten,  vitamine B12 (cobalamine), vitamine D (calcitriol), lysyloxidase, metallothioneine, ceruloplasmine, dopamine, adrenaline, insuline, glutamaat, melatonine, macrofagen, enterohepatische kringloop, somatosensorische cortex, motorcortex, ruggemerg, ontstekingspijn, neuralgie, microRNA, purinerge signalering, enkefalines, endorfines.

Tot slot:

In bovenstaand verhaal zijn TCM variabelen en wetmatigheden als waar beschouwd, en erna gefit in reguliere meetbare variabelen en wetmatigheden, om een idee te krijgen met welke metingen de vertaalslag onderzocht zou kunnen worden.   Dit stuk borduurt voort op de scriptie die ik voor de opleiding tot acupuncturist bij Qing Bai heb geschreven. De theorie van de Traditionele Chinese Geneeskunde fascineert mij, omdat diagnose en controle van behandeling op andere waarnemingen en begrippen berust dan die de reguliere westerse geneeskunde hanteert.  Voor ik de praktijk deed voor acupunctuur en shiatsu-massage, heb ik Moleculaire Wetenschappen gestudeerd, en een  promotieonderzoek uitgevoerd m.b.t. aansturing van oogbeweging door hersenen.